Reactie Vesteda op uitspraak Raad van State inzake verstrekken inkomensgegevens door de Belastingdienst

Sinds 2013 kunnen verhuurders van sociale huurwoningen inkomensgegevens van hun huurders opvragen bij de Belastingdienst met het oog op het tegengaan van scheefwonen. Bij scheefwonen blijven mensen in sociale huurwoningen wonen, terwijl zij op grond van hun inkomen niet meer behoren tot de categorie mensen voor wie die woningen zijn bedoeld. Als uit de gegevens van de Belastingdienst blijkt dat huurders een te hoog inkomen hebben, mogen verhuurders hun huurprijzen verhogen. Huurders worden hierdoor gestimuleerd hun sociale huurwoning in te ruilen voor een koopwoning of een huurwoning in de vrije sector, waarmee de sociale huurwoningen beschikbaar komen voor mensen met een lager inkomen.

Volgens een uitspraak van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 3 februari 2016 heeft de Belastingdienst onrechtmatig inkomensgegevens verstrekt aan verhuurders van sociale huurwoningen, omdat een deugdelijke wettelijke basis ontbreekt: het moet volgens de Raad van State 'uitdrukkelijk en duidelijk' in de wet staan dat de Belastingdienst een verplichting heeft om inkomensgegevens te verstrekken aan verhuurders van sociale huurwoningen, en dat is nu niet het geval. Gegevens van individuele belastingplichtigen vallen onder de geheimhoudingsplicht, en mogen volgens de Raad van State niet zonder voornoemde basis gedeeld worden.
Uit de uitspraak blijkt dat minister voor Wonen, Stef Blok, de wetgeving moet repareren zodat de Belastingdienst in de toekomst wel deze inkomensgegevens mag verstrekken aan verhuurders. Minister Blok schrijft in een brief aan de Tweede Kamer al bezig te zijn de verplichting nadrukkelijker in de wet opgenomen te krijgen.

De Raad van State velt geen expliciet oordeel over de huurverhogingen die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden. Vesteda heeft de afgelopen jaren de wet gevolgd en heeft dan ook niet onrechtmatig gehandeld. Wat deze uitspraak betekent voor u als huurder, maar ook voor ons als verhuurder, weten we op dit moment niet. De minister beraadt zich momenteel over de gevolgen van de uitspraak. Wij wachten verdere berichtgeving, samen met u, af en zullen u hierover informeren zodra er meer bekend is.